Roepen vanaf de zijlijn. Heerlijk is dat. En zo lekker makkelijk ook. Een jaar lang schrijf ik hier vanaf nu iedere twee weken een column over solliciteren. Ik moet alleen steeds denken aan dat gezegde over stuurlui en de wal. Begrijp ik mijn publiek eigenlijk wel? Wanneer wilde ik zelf voor het laatst een baan heel graag maar moest ik daarvoor solliciteren? Deze krant gaat -terecht- niet over één nacht ijs bij selectie van columnisten. Dus moest ook ik eerst door de keuring. Twee proefcolumns mocht ik schrijven. Best aardig, maar niet scherp genoeg.
Opnieuw dus. Het is misschien wel het meest lastige aspect van solliciteren: omgaan met afwijzing. Waarom zien ze nou niet wat voor jou glashelder is, namelijk dat je geknipt bent voor die rol? De kunst is denk ik allereerst die afwijzing niet persoonlijk op te vatten. De tweede kunst is ervan te leren en het volgende keer beter te doen. Vorige week las ik mijn eerste proefcolumn terug. Die was best saai. Dealen met afwijzing dus en schouders eronder. Ik lever er het komend jaar vanaf deze plaats graag een bescheiden bijdrage aan met ongezouten inzichten en inspiratie.
Overtuigend communiceren is de rode draad in mijn werk. Mijn visie hierop vertaalde ik naar sollicitatiebrieven voor werkzoekenden en vacatureteksten voor werkgevers, en ook naar klantcommunicatie en winnende offerteteksten. Eens in de twee weken laat ik mijn licht schijnen op een actueel arbeidsmarktvraagstuk in zaterdageditie van De Financiële Telegraaf (DFT).