Iedere organisatie lijkt tegenwoordig ‘ondernemende’ collega’s te zoeken. Niet dat ze, zoals de term misschien doet vermoeden, ondernemers willen voor hun flexibele schil. Nee, ze zoeken ondernemende mensen in loondienst. Bestaan die? Ik weet het wel zeker. Het lijkt me alleen verstandig als werkgevers inzien dat er wat haken en ogen zitten aan die queeste naar ondernemende collega’s.
Sollicitanten zien het probleem waarschijnlijker als eerste. Die staan voor de uitdaging aan te tonen dat ze ondernemend zijn. Hoe doe je dat, zeker als je bij de overheid werkt(e)? En wat als je gewoon niet zo ondernemend bent? Dat brengt me op de werkgevers. Je wilt namelijk ook niet-ondernemende mensen hebben. Echt? Ja echt. Ondernemen betekent risico nemen, gebrek aan zekerheid en keihard werken. Collega’s die dit kunnen zijn goud waard, maar schuif de CV’s van de minder ondernemende types ook niet zonder meer opzij. Die mensen die beren op de weg zien (of zelfs leggen), die wikken en wegen voor ze een sprong in het diepe wagen en die ervoor passen om 80 uur per week te werken. Je zou ze nog wel eens nodig kunnen hebben om al die ondernemers een beetje af te remmen.
 
Overtuigend communiceren is de rode draad in mijn werk. Mijn visie hierop vertaalde ik naar sollicitatiebrieven voor werkzoekenden en vacatureteksten voor werkgevers, en ook naar klantcommunicatie en winnende offerteteksten. Eens in de twee weken laat ik mijn licht schijnen op een actueel arbeidsmarktvraagstuk in zaterdageditie van De Financiële Telegraaf (DFT).